Geloof alleen je eigen gevoel

Sommigen zullen het een onhebbelijkheid vinden, maar je kan het ook als een gave zien: ik geloof niks, tot ik het zelf heb ervaren. Tot ik het heb gezien, gevoeld, geroken, gehoord, geproefd. Liefst meer dan één keer.



Dat gaat over alles wat men als 'wetenschap' beschouwt, maar ook over spiritualiteit. Hiermee bruuskeer ik wel eens mensen, want geloofssystemen hebben als veelvoorkomende inclinatie dat ze onwrikbaar zijn: iets waaraan men zich maar al te graag vastklampt om de brute baren van het leven aan te kunnen.


Wel ik kan dat niet, nooit gekund. Liever ruw en rauw en radicaal wanhopig dan me vastklampend aan een of ander kunstmatig surrogaat dat ik zelf niet helemaal geloof.

En dat gaat traag en moeizaam, want waarheden liggen nu eenmaal niet voor het rapen. Ze vergen diep en grondig onderzoek, en veel zelfrelativering, want je waarheid van vandaag is wellicht niet die van morgen. Die voortdurende, repetitieve zelfvernietiging moet je aankunnen, het is een intens proces.


Reïncarnatie? Hm, nog geen idee hoe dat precies zit. Ons levenspad dat voorbestemd is? Twijfels. Het bestaan van goed en kwaad? Niet zeker. Tweelingzielen? Allicht een concept. Het bestaan van de ziel, het hogere zelf, het ego? Misschien. Aanvaarding van alles wat je meemaakt? Nuttig, maar is het oprecht? Karma? Tja, een interessant idee. Elke ziekte een psychologische oorsprong? Bwa... Manifestaties? God ja, dat moeten we nog zien.


Zo gaat het maar door. En je zou denken: hoe hou jij je dan staande in dit leven? Want als je bijna niets meer hebt om je aan vast te houden, wat rest er dan?

Het gekke is: steeds meer. Hoe meer onwaarachtigheid ik afpel, hoe meer constructies, concepten en verhalen er sneuvelen, hoe meer zuiverheid er overblijft. En die zuiverheid is onmiskenbaar. Oorverdovend. En tegelijk ijzingwekkend stil. Goddelijke substantie. Waarheid. Liefde.


Dus ik ga nog maar even door. Met heilige huisjes uitkleden.

Een heerlijke bezigheid. Titanenarbeid voor de ziel.